Op een stukje van de tuin wilde ik graag aardappelen telen. Ik had hier geen ervaring mee, maar als ik zag hoe groot de aardappelplanten in de andere moestuintjes op het complex allemaal al waren, kreeg ik toch wel het idee dat ik erg laat was met poten. Maar ja, toch maar proberen.
Snel wat pootaardappels geregeld en op 11 mei gepoot. Dertig keer Lekkerkerker en 10 keer Eigenheimer.
Ik geloof dat zeker die Eigenheimers niet zo’n goede keuze zijn voor mijn zandgrondtuin waarin ik geen gif ga spuiten. We zullen het wel zien.
Nu, op 20 mei, is er nog niets van de aardappels te zien. Wat oude aardappels van de vorige gebruikers van mijn tuin, die ik met het spitten over het hoofd heb gezien, lopen wel aardig uit. Misschien moet ik mijn hoop daar maar op vestigen en die verplanten naar het aardappelhoekje?
In de achtertuin van ons vorige huis deden de aardbeien het erg goed. Het was eigenlijk meer een soort onkruid, op een gegeven moment. En de vogels en andere beestjes waren meestal eerder om van de aardbeien te proeven dan wij.
In de moestuin heb ik een hoekje gereserveerd voor aardbeien. Ik heb twee soorten gekozen: Ostara en Senga Sengana. Ostara geeft veel aardbeien en is doordragend. Senga Sengana heb ik niet eerder gehad maar deze soort zou lekkerdere aardbeien moeten geven. Het zijn er wel veel minder. Tja, het is het één of het ander.
Ik heb twee rijtjes gemaakt, één voor elke soort. Deze rijtjes liggen ver genoeg uit elkaar dat uitlopers nieuwe plantjes kunnen vormen zonder andere aardbeienplantjes in de weg te zitten.
