In de moestuin heb ik twee soorten bonen staan. Sperziebonen en snijbonen. De sperziebonen blijven laag (stamslabonen) en de snijbonen zijn klimmers (stoksnijbonen).
De sperziebonen hebben wat moeite om op gang te komen. Ik wacht geduldig af.
De snijbonen daarentegen groeien als een tierelier en sommige zijn al tot bovenin de bonenstaken geklommen. Deze bonestaken zijn drie meter lang en steken zo’n twee en een halve meter boven de grond uit.

Ookal doen ze het dus goed, er zitten nogal wat kolonies zwarte bonenluizen in. En dat schijnt op termijn toch niet goed te zijn voor de planten. Ten eerste tappen ze sap af, waardoor de plant minder goed groeit. Ten tweede worden de planten , doordat de luizen er gaatjes in maken, kwetsbaarder voor allerlei schimmels en andere narigheden.
Dus het lijkt me toch wel handig om wat tegen deze beestjes te doen. Natuurlijke vijanden van de luizen (lieveheersbeestjes en andere kevers, spinnen) zijn er op het oog genoeg op de tuin, daar hoef ik niet meer voor te zorgen. Ik heb gelezen dat het helpt om bonenkruid en/of dille bij de snijbonen te laten groeien, omdat de beestjes daar niet tegen kunnen. Ik heb daarom maar een bonenkruidplantje gekocht. Uit zaad opkweken leek me te lang duren. Vanaf eind juli zouden de bonenluizen sowieso veel minder in aantal moeten worden door de dan steeds groter wordende groep van natuurlijke vijanden. Ik hoef dus alleen voor de korte termijn te zorgen.
Omdat ik niet heel veel vertrouwen heb in het bonenkruid (ik geloof dat het voornamelijk werkt om de luizen weg te houden in plaats van weg te sturen) denk ik dat ik ook het aloude antiluizenmiddel inzet: water met zeep en spiritus. Hierbij zal ik dan voor de zeep zeep op basis van lijnolie gebruiken, ik weet niet hoe onfris het anders voor de toekomstige snijbonen is. Deze zeep is te koop van het merk Ecover.